Tag Archives: ICT

Ik beken: ik ben verslaafd (aan leren)

Twee MOOC’s afgerond. Ik ben wel benieuwd of ik de certificaten ooit ga krijgen, maar ik heb van beiden veel geleerd. En verslaafd aan leren als ik ben, ben ik gelijk maar door gegaan met twee andere MOOC’s. Ook dit keer weer twee totaal verschillende MOOC’s. Een technische MOOC Internet History, Technology and Security (IHTS) en een management MOOC Leading Strategic Innovation in Organizations (LSIO). Beide MOOC’s die ik nu volg zijn van een duidelijk ander (hoger) niveau als de voorgaande. IHTS komt van de University of Michigan en LSIO wordt georganiseerd door Vanderbilt University in Nashville Tennessee. ImageDat laatste moest ik even opzoeken. David A. Owens is de tutor van deze MOOC. Hij maakt in zijn video’s regelmatig reclame voor zijn boek. Dat vind ik altijd een beetje jammer. Je mag wel een keer verwijzen, maar als de student geïnteresseerd is in je boek koopt hij of zij het wel bij de eerste kennismaking. Heb ik ook gedaan. Dus reclame is niet meer nodig. De eerste week van deze MOOC is best interessant, maar het is veel. Heel veel. Het is mij ook nog niet helemaal duidelijk wat de bedoeling is, maar de ervaring heeft mij geleerd dat het allemaal vanzelf duidelijk wordt. In ieder geval gaat het over iets wat voor mij actueel en interessant is.

De andere MOOC wordt geleidt door Dr. Charles Severance (dr Chuck). ImageDe video’s die hij heeft opgenomen zijn over het algemeen erg informeel . Hier even een voorbeeldje van zijn opname. Ze staan overigens allemaal op Youtube (erg open source dus) http://youtu.be/oWOYwTLAj7E

Ook voor deze MOOC is nog niet duidelijk wat nu precies de eindopdracht is. Er zijn wekelijks toetsen die je oneindig vaak over mag doen en waar je dus 70 punten voor moet halen. Er is een mogelijkheid tot een peer writing iets en er is een eind toets. In beide MOOC’s wordt minder aandacht besteedt aan interactiviteit onderling. Dat ga ik wel missen denk ik. De wekelijkse chats van E-learning and Digital Cultures zijn er nog wel, maar die zijn nu veel minder geworden.

In ieder geval weer genoeg te leren.

Persoonlijk ondernemerschap en de inzet van digitale leermaterialen.

Het gebeurt niet vaak dat in het Tijdschriftt voor Onderwijskunde en Opvoedkunde Pedagogische studiën aandacht wordt besteed aan ICT binnen onderwijs. Maar in nummer drie van dit jaar stond een artikel (Vermeulen, van Acker, Kreijns, & van Buuren, 2012) dat mij triggerde en aanzette tot nadenken. De auteurs hadden een onderzoek gedaan onder 1239 leraren uit PO, VO en MBO. In hun studie stond de volgende vraag centraal: Wat zijn de belangrijkste determinanten van de intentie tot het gebruik van Digitale leermaterialen door leraren in hun onderwijspraktijk? In hun onderzoek gingen zij ervan uit dat de intentie bepaald wordt door drie kernvariabelen; Houding (gevoel van sympathie of juist antipathie t.o.v. digitale leermaterialen, Subjectieve norm (de waargenomen groepsdruk) en de Overtuiging om bepaald gedrag te kunnen uitvoeren en een voldoende prestatie te leveren. Zij hebben een aantal hypothesen getest maar ik wil er in deze blog maar één naar voren brengen. Zij hadden de hypothese dat “ICT vaardigheden en persoonlijk ondernemerschap positief gerelateerd zijn aan intentie tot het gebruik van digitale leermaterialen en dat deze wordt gemedieerd door de overtuiging bepaald gedrag te kunnen uitvoeren”. Drent (2005) beschreef het persoonlijk ondernemerschap als “de innerlijke gedrevenheid om zich verder te ontwikkelen. Deze gedrevenheid uit zich in het actief nemen van initiatieven om doelstellingen te realiseren.” Persoonlijk ondernemerschap heeft volgens haar te maken met professionele betrokkenheid. Op het gebied van gebruik van digitale leermaterialen uit die professionele betrokkenheid zich door een hoge mate van interne school activiteiten (interactie met collega’s), een hoge mate van externe school activiteiten (bezoeken van symposia enz.) en het uitvoeren van leiderschapsactiviteiten zoals het begeleiden van docenten. Andere onderzoekers noemen het personal engagement (Collis & Moonen, 2001). Onder personal engagement wordt verstaan het hebben van persoonlijke motivatie om onderwijskundige innovaties uit te proberen en het hebben van interesse voor technologische ontwikkelingen, evenals het discussiëren met anderen over deze onderwerpen. Hierbij moet wel gezegd dat dit alles sterk beïnvloed wordt door de onderwijsopvatting van de leraar. Leraren met een student georiënteerde didactische werkwijze hebben volgens de onderzoekers een hogere mate van personal engagement dan de docenten die dit niet hebben. Voor de schaal persoonlijk ondernemerschap gebruikten de onderzoekers uit het eerste deel van mijn blog de aanvulling van Drent (2005) op een studie van Mumtaz (2000). Persoonlijk ondernemerschap bestaat daarin uit twee dimensies van kennisvergaring. De eerste dimensie is het gebruik van het eigen netwerk van een leraar om ICT kennis en vaardigheden te krijgen en de tweede dimensie is het initiatief dat de docent neemt om zelfstandig op zoek te gaan naar nieuwe kennis en vaardigheden. Het onderzoek geeft aan dat Persoonlijk ondernemerschap de belangrijkste (indirecte voorspeller is voor het gebruik van digitale leermiddelen en dat dit sterk gerelateerd is aan de overtuiging om een bepaald gedrag met goed succes te kunnen uitvoeren. Een leraar die pro-actief op zoek gaat bij collega’s binnen en buiten de school of op zoek gaat naar informatie geleverd door deskundigen staat positiever tegenover het gebruik van digitale leermaterialen, dan de leraar die dit alles niet doet.
Dit alles overdenkend zou het weleens een heel moeizaam veranderingsproces voor het onderwijs kunnen zijn. De vraag welke kennis of vaardigheden de docent moet hebben om digitale leermaterialen te gebruiken in zijn onderwijspraktijk, wordt daardoor bijna onmogelijk om te beantwoorden. Het is namelijk sterk afhankelijk van de docent en zijn onderwijsopvatting.
Maar even pro-actief op zoek gaan naar meer informatie hierover.
Geciteerde werken
Collis, B., & Moonen, J. (2001). Flexible learning in a digital world: experiences and expectations. London: Kogan Page.
Drent, M. (2005). In transitie: Op weg naar innovatief ICT-gebruik op de PABO. Unpublished doctoral dissertation. Enschede: Twente University.
Vermeulen, M., van Acker, F., Kreijns, K., & van Buuren, H. (2012). Leraren en hun intentie tot het gebruik van digitale leermaterialen in hun onderwijspraktijk. Pedagogische Studiën, 159-173.

Digital literacy en flipping the classroom door Virtual Action Learning

Al enige maanden volg ik nauwgezet alle sociale media op zoek naar de werkvorm die past bij digital literacy en flipping the classroom. Deze 2 aspecten van het onderwijs hebben al sinds enige tijd mijn aandacht. Dit omdat ik een verandering merk bij de studenten die de generieke cursussen volgen van mijn team, bijvoorbeeld onderzoeksmethoden en -technieken. Vol enthousiasme en zeer gemotiveerd beginnen zij aan deze cursussen maar na een aantal bijeenkomsten neemt het enthousiasme af. Van transfer van het geleerde naar andere cursussen is nauwelijks sprake. Het ligt niet aan de docenten of studenten. Op het moment dat de student onderzoek moet doen, komt hij met vragen naar dezelfde docenten en die geeft hem dan met liefde antwoord en instructie zodat de student verder kan. Het ligt dus aan het onderwijs. Het wordt op het verkeerde moment gegeven en misschien wel niet op de juiste manier waardoor het enthousiasme minder wordt.

ImageJongeren van nu leren niet meer door alleen te luisteren, misschien hebben ze dit nooit gedaan. Jongeren van nu hebben veel vragen, maar de antwoorden hierop googlen zij zelf. Door actief met de vraag bezig te zijn passen zij het gevonden antwoord ook toe tijdens situaties in het echte leven. Zij communiceren graag en veel met leeftijdsgenoten over uiteenlopende onderwerpen, dit doen zij via facebook, twitter of een ander sociaal medium. Kunnen wij hier iets mee binnen het onderwijs? Tijdens de onderwijsdagen (2011) stuitte ik op de 21st eeuwse vaardigheid ICT geletterdheid. Onder ICT geletterdheid wordt niet alleen verstaan dat studenten goed overweg kunnen met Word of Excel. ICT geletterdheid is het bewustzijn, de houding en mogelijkheid van individuen om op de juiste wijze digitale media te gebruiken om digitale bronnen te herkennen, gebruiken, beheersen, integreren, analyseren en synthetiseren om nieuwe kennis te generen, media producten te leveren en met anderen te communiceren in de context van speciale situaties met het doel constructieve sociale acties mogelijk te maken en te kunnen reflecteren op het proces (Ng, 2012). Maar met de invoering van ICT alleen verbetert de kwaliteit van onderwijs nog niet. Daarvoor is een andere inrichting van het onderwijs noodzakelijk. Flipping the classroom kan een oplossing bieden. Bij dit didactische model staat het thuis leren met behulp van video’s gemaakt door de docenten voorop. Studenten komen naar school voor bijeenkomsten met de docent en medestudenten. Tijdens deze bijeenkomsten kunnen vragen worden gesteld en wordt de opdracht afgemaakt. De tijd wordt besteed aan het leerproces van de student (Sams, Bergmann, & Bennett, 2012). Het klaslokaal is eigenlijk een groot leercentrum waar studenten samen werken aan een opdracht en de docent hen daarbij die begeleiding geeft die zij nodig hebben. Maar dat betekent ook dat de opdrachten anders geformuleerd moeten worden. Het antwoord op de vraag hoe kreeg ik eigenlijk direct door het bijwonen van een inspiratie ochtend aan het e-lab van Innofun. (2011). Virtual Action Learning is een didactische werkvorm waar de student met behulp van virtuele middelen op zijn eigen acties en ervaringen terug blikt om zo zijn eigen leren te bevorderen.Image

Uitgangspunt is het sociaal constructivisme waarbij de student zelf aangeven wat hij tijdens het leerproces ervaart en dat daarbij contact met anderen een centrale rol vervult. Naast nieuwe media kan de student ook gebruik maken van traditionele bronnen en van de kennis van de anderen. Het leerproces bestaat bij V.A.L. uit 11 stappen (Baeten, 2011). Te weten

  1. Competentie kiezen
  2. Leerarrangement kiezen
  3. Informatie selecteren
  4. Leerproduct maken
  5. Virtuele interactie over leerproducten
  6. Fysieke bijeenkomst op school
  7. Verbeteren en nomineren van best practice leerproduct
  8. Bespreken van best practices
  9. Publicatie van best practices
  10. Assessment
  11. Beoordelings- en reflectie gesprek

Bij het ontwikkelen van de verschillende leerarrangementen houden de docenten rekening met de stappen binnen het proces en sluiten zij aan bij een project binnen de opleiding/het beroepenveld.

Geciteerde werken

(2011, december 13). Retrieved jnue 11, 2012, from http://youtu.be/Vhw3PaHhsfA

Baeten, J. (2011). Virtual Action Learning. Amsterdam: KIT Publishers.

Ng, W. (2012, june 8). Why digital literatacy is important for science teaching and learning. Retrieved june 2012, 10, from www. curriculum.edu.au: http://www.curriculum.edu.au/leader/default.asp?issueID=12610&id=34913

Sams, A., Bergmann, J., & Bennett, B. (2012, june 8). The truth about flipped learning. Retrieved june 10, 2012, from http://www.iste.org: http://www.iste.org/connect/iste-connects/blog-detail/12-06-08/The_Truth_about_Flipped_Learning.aspx